Aerodynamica Opel GSE 27FE tot uiterste getest in windtunnel: elke honderdste telt
Uitgegeven door Jeroen Kuijt • 14 juni 2026 21:03
Met de introductie van het nieuwe GEN4-tijdperk in de Formule E vanaf volgend seizoen nemen niet alleen de prestaties toe, maar ook de behoefte aan nog meer precisie en detailwerk. De volgende generatie raceauto’s wordt aanzienlijk sneller dan zijn voorgangers. Tegelijkertijd worden voor het eerst twee verschillende aerodynamische configuraties toegepast in de Formule E. Voor Opel is daarom duidelijk dat het volledige potentieel van de Opel GSE 27FE-raceauto alleen kan worden benut wanneer de aerodynamica tot in de kleinste details wordt begrepen.

In de windtunnel werkt het Opel GSE Formula E Team aan het nauwkeurig testen en analyseren van het gedrag van de raceauto onder realistische omstandigheden. Daarmee kunnen ook de testprogramma’s op het circuit nog preciezer worden voorbereid. Zo worden verschillen zichtbaar die later bepalend kunnen zijn voor stabiliteit, efficiëntie en uiteindelijk zelfs elke honderdste van een seconde.
“Het GEN4-tijdperk tilt het belang van aerodynamica naar een volledig nieuw niveau”, zegt Jörg Schrott, Team Principal van het Opel GSE Formula E Team. “Daarom willen we zeer precies begrijpen hoe de verschillende configuraties zich gedragen en hoe we de verkregen data optimaal kunnen gebruiken voor verdere ontwikkeling en de uiteindelijke afstelling.”

Opel start in Formule E aan het begin van een nieuw tijdperk
De nieuwe Formule E-generatie verhoogt het prestatieniveau aanzienlijk. Waar de uitgaande generatie beschikt over 350 kW (476 pk), levert de GEN4-auto 600 kW (816 pk). Daarnaast beschikt de auto over permanente vierwielaandrijving en accelereert hij in minder dan twee seconden van 0 naar 100 km/u. Deze prestaties en de introductie van twee verschillende aerodynamische configuraties veranderen de eisen aanzienlijk. Eén configuratie is gericht op een zo laag mogelijke luchtweerstand tijdens races. De andere genereert meer neerwaartse druk voor snelle rondetijden tijdens kwalificaties.
Voor de teams betekent dit dat diepgaande kennis van beide varianten noodzakelijk is en dat nauwkeurige metingen van de bijbehorende waarden onmisbaar zijn. De windtunnel is in deze fase bijzonder waardevol, omdat de verkregen data dicht bij de praktijk liggen en op het circuit niet met dezelfde nauwkeurigheid kunnen worden gemeten.

Zo ‘traint’ de Opel GSE 27FE in de windtunnel
In de windtunnel wordt de Opel GSE 27FE onderzocht onder omstandigheden die het gebruik op het circuit zo realistisch mogelijk simuleren. Terwijl de auto op een transportband staat, stroomt lucht met een vooraf ingestelde snelheid over het voertuig. Hierdoor kunnen de engineers exact meten hoe de luchtstroom de voor- en achterzijde beïnvloedt, hoe de balans verandert en hoe de gekozen configuratie functioneert.
Voor een directe vergelijking wisselt het team tijdens de testsessies de voor- en achtervleugels om tussen de twee aerodynamische configuraties te schakelen. Het voordeel hiervan is dat beide varianten onder exact dezelfde omstandigheden kunnen worden beoordeeld. Zo kunnen simulaties worden gecontroleerd en verder worden verfijnd op basis van betrouwbare meetgegevens.
“Wij meten aerodynamische belastingen, zoals de balans van de neerwaartse druk, met zeer hoge nauwkeurigheid in de windtunnel”, legt Simon Merchet, Head of Development Formula E Project, uit. “Op het circuit zien we vooral de grotere effecten, maar niet de fijne details met dezelfde precisie. Juist die nauwkeurige gegevens hebben we nodig om later verder te werken op basis van betrouwbare uitgangspunten.”

Nauwkeurig afgestemd: Opel volgt een helder ontwikkelingsplan
Dat Opel al vóór de intensieve circuittests gebruikmaakt van de windtunnel, maakt deel uit van een duidelijk ontwikkelingsplan. Het ontwikkelingschassis was al beschikbaar, terwijl de nieuwe aandrijflijn op dat moment nog niet gereed was voor circuitgebruik. Het team gebruikte deze periode om parallel de aerodynamica verder te ontwikkelen.
Zodra de aandrijflijn beschikbaar kwam, verschoof de nadruk meer naar de tests op het circuit. Windtunnel, testbank, simulator en testdagen zijn daarbij bewust met elkaar verbonden. “We hebben een duidelijk plan en dat plan wordt stap voor stap uitgevoerd”, aldus Jörg Schrott.

Kennis die ook productiemodellen versterkt
Succesvol windtunnelwerk kent bij Opel een lange traditie. De legendarische Calibra zette bij zijn marktintroductie in 1989 al een nieuwe maatstaf met een luchtweerstandscoëfficiënt van cW=0,26. Daarmee gold hij destijds als de meest aerodynamisch efficiënte productieauto ter wereld. Ook in de autosport hield Opel zich al vroeg bezig met de wisselwerking tussen luchtweerstand en koeling. Een voorbeeld daarvan is de Calibra V6 4x4 die in 1996 deelnam aan de DTM (Deutsche Tourenwagen Meisterschaft) en ITC, voorzien van actieve aerodynamische luchtkleppen aan de voorzijde.
Het belang van aerodynamica blijkt ook uit de huidige modellen. Met een luchtweerstandscoëfficiënt van cW=0,29 behoort de Opel Corsa tot de meest aerodynamische voertuigen in zijn segment. De Opel Mokka behaalt een cW-waarde van 0,32 en behoort daarmee eveneens tot de top van zijn klasse. In beide modellen helpen actieve luchtgeleiders voor de radiateur om de luchtstroom afhankelijk van rijomstandigheden en koelbehoefte gericht te sturen en zo de efficiëntie te verbeteren.




