Formule 1

Imola 1 mei 2014: twintig jaar na een dramatisch Formule 1-weekend

Uitgegeven door Robin Trotsenburg • 1 mei 2014 15:12

Veiligheid en relatief onschuldige ongelukken worden in de hedendaagse Formule 1 als normaal beschouwt. Dankzij steeds scherpere maatregelen, lijkt het bijna onmogelijk dat een rijder in het F1-strijdperk zijn leven zal verliezen. De Pool Robert Kubica overleefde in Canada een ongeval op zeer hoge snelheid, waarbij hij nadien alleen last had van zijn enkel. Maar ook de legendarische Michael Schumacher was in 1999 de dood nabij, toen hij op Silverstone een zware crash meemaakte. Aan al deze goed afgelopen crashes ging vandaag exact twintig jaar geleden een inktzwart weekend vooraf.


Terwijl de eerste teams in de week voor de Grote Prijs van San Marino het circuit opkomen, vermoed nog niemand welk noodlot er deze editie in de lucht hangt. Michael Schumacher heeft de eerste twee wedstrijden, die in Brazilië en in Japan, op zijn naam geschreven. Zijn grote tegenstander en rivaal Ayrton Senna staat echter nog droog na twee uitvalbeurten in de desbetreffende wedstrijden. Een scenario waar wellicht weinigen rekening mee hadden gehouden. Senna zal dus willen scoren in de Republiek. “Het seizoen begint voor Williams en mij pas in San Marino”, zo spreekt hij in de voorbereiding op de Grand Prix.

De enige spanning die zich dus voordoet, is die om de leiding in het wereldkampioenschap. En tussen de teams van de hoofdrolspelers, Benetton en Williams. Na zijn uitvalbeurt op het circuit TI Aida, is Senna opgevallen dat de bolide van Michael Schumacher probleemloos de bochten uit accelereert en daarbij een vreemd geluid maakt. Een geluid dat niet klopt. “Traction control”, zo concludeert de Braziliaan. Afgezien van die perikelen rondom dit vermeende bedrog van Benetton, is er geen enkel teken dat erop duidt dat er iets mis zal gaan.


Achteraf gezien zal echter de vrijdagkwalificatie de opmaat vormen van wat een droevig weekend zal worden. De crash van Rubens Barrichello in de Variante Bassa, die er genadig vanaf kwam met ‘slechts’ een gebroken arm en neus. Een dag na zijn ongeval zat Barrichello al weer in de cockpit van zijn Jordan, gedreven om direct weer in zijn auto te stappen en aan de zaterdagkwalificatie deel te nemen. Maar ook de Braziliaan kon op voorhand niet weten wat de Formule 1 te wachten stond.

Zaterdagmiddag, ongeveer twintig minuten na aanvang van de kwalificatiesessie, vond het tweede grote ongeval van het weekend plaats. In de Villeneuve curve raakte Roland Ratzenberger met een snelheid van 306 kilometer per uur van de baan. Nog altijd wordt aangenomen dat de onfortuinlijke Oostenrijker in de ronde voor zijn ongeluk zijn voorvleugel beschadigd had in de Acque Minerali. In plaats van in de pits het materiaal te laten controleren, koos de coureur ervoor om door te rijden. Wereldwijd kwamen op televisie de afschuwelijke beelden van het noodlottige ongeval de huiskamers binnen. Het hangende hoofd van Ratzenberger in de verwoeste Simtek, de reanimatiepogingen van de artsen. Na hervatting van de sessie, verzekerde Ayrton Senna zich van zijn vijfenzestigste en tevens laatste pole position ooit, voor Michael Schumacher, Gerhard Berger en Damon Hill. Later in de middag kwam het slechte nieuws vrij dat Ratzenberger was overleden als gevolg van zijn verwondingen.
Voor Senna bleek het bericht een enorme klap in het gezicht. Na het bericht over de dood van Ratzenberger zocht hij zijn vriend en voormalig F1-dokter Sid Watkins op. Later vertelde Watkins in zijn memoires: “Ayrton zat er emotioneel doorheen en huilde op mijn schouder.” Zijn pogingen om Senna te overtuigen te stoppen met racen, kwamen niet binnen bij de Williams-coureur. Senna at en dronk racen, ademde racen, was het racen. Stoppen kwam niet in zijn woordenboek voor.

De gevolgen van zijn keuze worden tot op de dag van vandaag betreurd. Senna crashte rond de klok van kwart over twee, direct na de safety car-fase als gevolg van een startcrash. Hij deed dat in de gewraakte Tamburello-bocht, die eerder al bijna scherprechter was voor Nelson Piquet en Gerhard Berger. Samen met Berger, die in 1989 kennis maakte met het venijn van de bocht, bekeek Senna al eens de mogelijkheden om het circuit aan te passen. Destijds kwamen beiden tot de conclusie dat een beek verplaatsing onmogelijk maakte.


Helaas dempte men ook in Imola pas de put toen het kalf verdronken was en de ongelukken van Senna en Ratzenberger zorgden voor twee nieuwe chicanes, die de hoge snelheid eruit haalden. Het circuit verloor daarmee een groot deel van zijn charme, maar werd er wel veiliger door. Tevens werd er nog meer nadruk gelegd op het verbeteren van de veiligheidsstandaard in de Formule 1. Max Mosley, toenmalig voorzitter van de FIA, investeerde veel van zijn tijd in het bewerkstelligen van deze ontwikkelingen.

Op zondag 1 mei 1994 werd een nieuw tijdperk voor de F1 ingeleid. Maar hoeveel goede zaken er ook uit zijn voortgekomen, het weekend in San Marino blijft de kenmerken houden van een nachtmerrie. Vermoedelijk zal het circuit nog lange tijd die nasmaak bij zich dragen, hoewel het F1-circus er al sinds 2006 geen Grand Prix meer heeft bijgeschreven. Zoals bij alle coureurs, die stierven in het harnas, mag de herinnering aan hen niet vervagen. En ondanks al het goede dat het circuit van Imola heeft gebracht, staan we vandaag twintig jaar na dato, stil bij het heengaan van Roland Ratzenberger en Ayrton Senna.

 

Reacties (0)

Wees de eerste die reageert.

MEER NIEUWS...

Babe-box

Xtra

COLUMNS